Reddingshondenwerkgroep Zeeland (RHWZ) is een stichting met als doel het opleiden van honden en geleiders tot inzetbare teams. Deze teams worden ingezet bij het zoeken naar vermiste personen. Gecertificeerde combinaties kunnen vermisten lokaliseren in bos-, heide- en poldergebieden, woonwijken, ramp- en aardbevingsgebieden, maar ook in de sneeuw en op het water.

Wat moet een toekomstige reddingshond dan leren?

De opleiding van de honden is in vier groepen onder te verdelen, namelijk:
- vlakte zoeken;
- zoeken in puin en in gebouwen;
- zoeken op het water;
- mantrailen.

Wat houden deze onderdelen in?

Vlakte zoeken
De hond zoekt de vermiste persoon in bijvoorbeeld een bosrijke omgeving en maakt zijn vondst kenbaar aan de geleider. De wijze waarop de hond dit leert, is per hond verschillend. Gedurende de opleiding wordt gezocht naar een methode die het beste past bij de natuur van de hond en de baas. De ene hond maakt door middel van blaffen duidelijk aan de baas dat er een slachtoffer gevonden is. Een andere hond doet dit bijvoorbeeld door met een bringsel (een kokertje dat aan de halsband van de hond hangt) naar de baas terug te lopen, waarna hij hem bij het slachtoffer brengt. Weer andere honden maken een vondst duidelijk door middel van leegverwijzen (bijvoorbeeld pendelen of opspringen). 

Puin zoeken
Dit is het lokaliseren van slachtoffers die onder puin bedolven zijn. De hond geeft aan waar de sterkste geur van de bedolven persoon uit het puin komt. De geleider constateert een verwijzing doordat de hond krabt en graaft in het puin en probeert zo dicht mogelijk bij het slachtoffer te komen. De lichaamshouding van de hond verandert sterk en meestal gaat dit verwijzen gepaard met blaffen of janken. Ook  is er een verschil van gedrag tussen het vinden van een levende of een overleden persoon.

Water zoeken
Bij zoeken op het water gaat het in de praktijk vrijwel altijd om drenkelingen. Vanaf de kant of vanaf een boot lokaliseert de hond de geur van de vermiste. De hond gaat meestal te water op de plek waar de sterkste geur naar boven komt en blijft daar in kleine cirkels rondzwemmen. Door middel van een plot op het GPS-systeem aan boord van de boot kan de verdachte locatie exact aangegeven worden. Duikers kunnen vervolgens de gemarkeerde plaats afzoeken.

Mantrailing
Mantrailen is in Nederland een relatief nieuwe manier van het opsporen van een vermiste persoon. Een gewone reddingshond zoekt naar menselijke geur in het algemeen, niet de specifieke geur van een bepaald persoon. Een mantrailhond doet dit wel. De hond krijgt daarvoor een geurbron aangeboden (bijvoorbeeld een kledingstuk) en zal dan op zoek gaan naar die specifieke geur. Afhankelijk van de omstandigheden kan een hond een spoor van wel twee dagen oud volgen. Een mantrailhond zoekt niet naar bodembeschadigingen zoals bij het gewone speurwerk, maar zoekt de geurmoleculen die een vermist persoon tijdens het lopen verliest. Daardoor kan een trailhond ook op harde ondergronden zoeken (zoals beton, asfalt) en is daardoor ook in bijvoorbeeld een stad inzetbaar.